Niet toepassen bij:
- katten met een geperforeerd trommelvlies of in die gevallen waarbij de men niet weet of het trommelvlies intact is (laat je dierenarts kijken)
- katten met een beschadigde uitwendige gehoorgang ten gevolge van chronische ontsteking(en)
- katten met systemische afwijkingen
- katten jonger dan 8 weken
- andere dieren dan katten
Zorg dat er geen oorgel in contact komt met de ogen of de bek van je dier.
Bijwerkingen
Toevallig gebruik bij kittens en katten met een geperforeerd trommelvlies of een beschadigde uitwendige gehoorgang kan leiden tot bijwerkingen die gekenmerkt worden door depressie van het centrale zenuwstelsel gepaard gaande met lusteloosheid, anorexie, pupil verwijding, evenwicht en bewegingscoördinatie stoornissen, trillen/beven en speekselen.
Speciale voorzorgsmaatregelen voor gebruik bij dieren:
Alle katten die met elkaar in contact zijn dienen te worden behandeld tegen oormijt infecties. Ook andere gevoelige huisdieren (honden, fretten) die in contact zijn met behandelde katten dienen met een geschikt middel (NIET OTIMECTIN) te worden behandeld.



